Veilig ringen

Het vangen en ringen van levende vogels ten behoeve van wetenschappelijk onderzoek is, hoewel het op grote schaal plaatsvindt, geen vanzelfsprekendheid. Vogels ondervinden een zekere mate van stress als gevolg van het vangen. Het vangen van vogels mag daarom nooit lichtvaardig worden opgevat en vereist een zorgvuldige afweging hoe de nadelige gevolgen voor de vogel tot een minimum kunnen worden beperkt.

 

Om stress tot een minimum te beperken dienen de gevangen vogels zo spoedig mogelijk weer in vrijheid te worden gesteld. Als er geen bijzondere omstandigheden zijn wordt als vuistregel gehanteerd dat zangvogels binnen 30 minuten na de vangst weer worden losgelaten en niet-zangvogels binnen 60 minuten. Vangt u zoveel vogels tegelijkertijd dat u ze niet binnen die 60 minuten kunt 'verwerken' dan dient u een aantal vogels ongeringd los te laten. Voor ringers met een speciale ganzen of Wilstervergunning geldt dat de gevangen vogels binnen 48 uur moeten worden losgelaten.

(1) als een regenbui dreigt of al uit de lucht komt, is het verstandiger de vogels zolang op een koele, stille en donkere plaats te bewaren totdat de regenbui voorbij is; (2) als u 's avonds nog een aantal vogels hebt gevangen die losgelaten zouden moeten worden als het al donker is, kan (afhankelijk van de vogelsoort) worden overwogen die vogels gedurende de nacht op een koele, stille en donkere plaats te bewaren. Bij zonsopkomst dienen ze weer losgelaten te worden.

Slecht weer
Het moet ook als vanzelfsprekend worden verondersteld dat (pogen te) vangen bij slecht weer een verhoogd risico voor de vogels inhoudt en dus niet is toegestaan. Regen kan een funeste invloed hebben op een gevangen vogel, die door de ringer nog niet uit het net of uit de kooi is bevrijd. Indien een vogel onder normale omstandigheden een buitje regen krijgt is dat van weinig betekenis, het water vloeit af langs het gesloten verenpak. Hangt de vogel echter in een net, of zit in een kooi, en krijgt hij dan een regenbui over zich heen dan is hij in een ommezien nat tot op de huid. In veel gevallen is dat zo ernstig dat de vogel na enige tijd sterft. Ga dus nooit vangen als het regent. Dreigt er een regenbui als men aan het vangen is sluit dan uit voorzorg tijdig de netten; neem geen enkel risico.
Ook bij zware mist kunnen de netten nat worden. Dit heeft voor de vogel die in zo'n net terecht komt het zelfde gevolg als een regenbui. Niet vangen dus met natte netten.
Lage temperaturen hoeven geen beletsel te zijn om toch vogels te vangen, zeker als er voldoende voedsel aanwezig is. Gaan die lage temperaturen vergezeld van hagel, sneeuw of ijzige wind dan heeft elke vogel het moeilijk en spreekt het vanzelf dat u ze, onder dergelijke barre omstandigheden, met rust laat. Probeer ook geen vogels te vangen die door slechte weersomstandigheden zijn verzwakt. In een strenge winter watervogels vangen bij een wak moet ook zeer worden ontraden, in de allereerste plaats vanwege de waarschijnlijk zwakke conditie van de vogels en in de tweede plaats omdat uw vangpogingen zeer waarschijnlijk negatieve reacties oproepen bij het publiek.