Beleid
Toestemming van de terrein eigenaar/beheerder.

home  →  vogeltrekstation  →  informatie voor ringers  →  toestemming van de terrein eigenaar/beheerder

In elke ringvergunning is de volgende voorwaarde aanwezig:
"Gebruik van de machtiging is alleen mogelijk in gezelschap van de eigenaar of gebruiker der gronden of wateren, of met diens schriftelijke toestemming."

Naar aanleiding van een discussie op RingersNet in maart 2008 over bovenstaande voorwaarde, staan hier een paar vragen (en antwoorden) die gesteld werden.

Vraag Kunnen vogelringers de status van Muskusratvangers krijgen waardoor ze zonder vergunning op terreinen kunnen komen. Ik bedoel de 'aanwijzing' van Gedeputeerde Staten.
Antwoord Nee dat kan niet. De ringvergunning is afgegeven onder de voorwaarden zoals die door LNV aan ons zijn voorgeschreven. Daar hebben we toendertijd voor een deel wel invloed op uit kunnen oefenen (bv. één helper bij je hebben die ook vogels mag hanteren), voor het grootste deel zijn dat bepalingen die door LNV eenzijdig aan ons zijn opgelegd. Bovendien is de hierboven bedoelde status van muskusratvangers gebaseerd op een artikel in de Flora- en faunawet wet welke handelt over het bestrijden van schade, en het bestrijden van die schade wordt daarbij belangrijker geacht dan het recht van toestemming van de grondeigenaar. Dan zou er dus een argument gevonden moeten worden waarmee aannemelijk te maken is dat het belang van het vogels vangen en ringen groter is dan het recht van toestemming van de grondeigenaar. Ik zie dat niet als haalbaar.

Vraag Kan er vanuit het VT een standaard document beschikbaar worden gesteld dat door een grondeigenaar getekend kan worden en dat juridisch dekt dat iemand ergens ringt?
Antwoord Ja dat kan, dat is een goed idee. Zo'n document zal ter beschikking zijn op deze site uiterlijk op 01 mei 2008.   document

Vraag Kan het beleid van het VT veranderd worden in de volgende situatie mbt de hulp aan ringers: Iemand wordt staande gehouden voor het ringen van vogels op terrein waar de eigenaar geen toestemming gegeven heeft, eventueel wordt er een proces-verbaal opgemaakt. Het huidige beleid is dat er bij een proces-verbaal door het VT de vergunning wordt ingetrokken. Ik kan mij voorstellen dat het VT haar vrijwilligers die te goeder trouw zijn en in een beschreven situatie terecht komen blijft steunen tot een rechterlijke uitspraak om daarna pas de juridische consequenties te aanvaarden.
Antwoord Dat is niet juist, zo is het beleid van het VT niet. Ons beleid daarin staat al jarenlang op deze website. Ik zal het hier (iets uitgebreider en nauwkeuriger geformuleerd) herhalen.
Als blijkt (wel of niet gevolgd door een procesverbaal) dat een ringer de bepalingen en voorwaarden zoals beschreven in zijn ringvergunning heeft overtreden, dan overweegt en handelt het VT altijd als volgt::
  1. het is aan het VT om eventueel maatregelen te nemen, de ernst van de 'zaak' speelt daar uiteraard een grote rol in; in de praktijk leidt dat tot:
    1. uitstel van beslissing (wel of niet met een schorsing van de ringvergunning) totdat de AID/Politie (soms na overleg met het VT) zijn definitieve standpunt heeft bepaald, of er een juridische uitspraak is;
    2. een waarschuwing;
    3. een schorsing van de ringvergunning;
    4. in het alleruiterste geval intrekking van de ringvergunning;
  2. de vragensteller formuleert het juist: iemand is pas juridisch schuldig als hij door een rechter is veroordeeld en als dat is gebeurd (of met een schikking rechtsvervolging voorkomen is) dan kan de rechter uw ringvergunning intrekken. Als de rechter dat niet doet, dan kan het Vogeltrekstation het alsnog doen.
Er zijn een aantal ringers die bovenstaand beleid uit de praktijk kunnen bevestigen.

Gerrit Speek
NIOO-CTE, Vogeltrekstation

Deze pagina is voor het laatst bijgewerkt op 16 april 2008.


Copyright © 2002-2009  Vogeltrekstation  Heteren  G. Speek        colofon    disclaimer    zoeken    FAQ